5.1.3. Cultuur, Kunst en Samenleven.
Dit is een wat ingewikkeld domein om uit te leggen.
Onder cultuur verstaan we het verkennen van de wereld om ons heen, van dichtbij naar ver weg.
Daar bent u thuis al mee begonnen. Peuters zijn daar al volop mee bezig. Ze maken en doen van alles na. Van lego bouwen ze huizen en dierentuinen, met blokken maken ze een weg met auto's erop, u gaat met ze naar de dierentuin of speeltuin, ze gaan mee op vakantie en zien hoe anders het daar is, ze spelen politieman of prinses. Het is de periode van nabootsen en het grote voordeel van deze leeftijd is: alles kan in hun fantasie.

De wereld is een geheel. Kinderen zien de wereld niet opgedeeld in allemaal stukjes. Ze ervaren steeds een geheel en ontdekken later de onderdelen. Daarom geven we niet apart aardrijkskunde, geschiedenis of biologie. Onderdelen van deze vakken worden steeds in samenhang in een project aan de orde gesteld.

Hoewel we de vakken niet apart geven, zijn we wel verplicht de kerndoelen, die opgesteld zijn door het Ministerie, te halen.
Cultuur
Hoe kiezen we de onderwerpen van de projecten?
De onderwerpen voor de cultuuroverdracht kiezen we aan de hand van de volgende tien kernthema's.

De kernthema's worden aangeboden vanuit de volgende invalshoeken:
- mens en samenleving
- natuur en milieu
- techniek
- tijd en ruimte

Voorbeeld:
Als het kernthema 'Binding' aan de beurt is, maken we een keuze uit:
* Binding tussen mensen: buurt, school, vereniging, etnische groeperingen, volkeren
* Bindingen in de natuur: biotopen, binding van dieren aan hun omgeving
* Bindingen in de techniek: ritssluitingen, knopen, veters, houtverbindingen, lassen, schroeven, e.d.

Ander voorbeeld:
Het kernthema is kracht
* Krachten in de natuur: vulkanen, overstromingen, windhozen
* Krachten in de samenleving: partijen, buurtverenigingen, regering
* Krachten in de techniek: magneten, hefbomen, trekkracht, e.d.

We zijn steeds met alle groepen met hetzelfde kernthema bezig, maar uiteraard is het onderwerp en de inhoud van het project aangepast aan de leeftijd en belangstelling van de kinderen.
Twee opeenvolgende groepen (bijvoorbeeld groep 5 en 6) werken op hun eigen niveau aan hetzelfde onderwerp. Dit bevordert de samenwerking tussen de kinderen.
Bij veel projecten proberen we 'experts' in de groep te krijgen. Dat zijn ouders of andere deskundigen die veel van het onderwerp af weten en waar we onze vragen aan kwijt kunnen.
Op excursie gaan we ook regelmatig. Alles wat we in de werkelijkheid zien blijft beter hangen. Daar kunnen we niet tegenop vertellen.
Bij een project willen we zo mogelijk de werkelijkheid van buiten de school binnen de school na te bootsen of na te spelen. Door experts en door op excursie te gaan leren we die werkelijkheid kennen.


Elk project wordt afgesloten met een presentatie. Dit kan zijn een muurkrant, een voorstelling voor anderen kinderen, een krant voor ouders, een toneelstuk, een workshop, een tentoonstelling. De presentaties worden zoveel mogelijk voor andere mensen of kinderen dan je eigen groep gegeven.
Kunst
Uw peuter heeft al veel kunstwerken gemaakt. Ze maken prachtige
(soms wat abstracte) tekeningen die vol trots op de koelkast tentoongesteld worden. Van eikels en kastanjes maken ze een mooie herfsttafel in de kamer, ze zijn dol op muziek en zingen de eerste liedjes mee. Als u muziek aanzet, bewegen ze bijna automatisch mee.
En ze kunnen eindeloos toneel spelen: vadertje en moedertje, kabouters en prinsessen, kikkers en draken, ze kunnen alles spelen.
Op school gaan we verder met al deze kunstuitingen.
Zelf ontworpen en geshowd
De onderdelen zijn:

Deze kunstonderdelen zijn weer gerelateerd aan de kerndoelen voor kunstzinnige vorming.

Alle kinderen krijgen elk jaar alle acht kunstonderdelen aangeboden.
Bijvoorbeeld: bij het Kernthema Energie werken de kleuters aan het onderwerp: 'De wind waait'. Hierbij past de dans heel goed. We dansen tegen de wind in, met de wind mee, bij een storm, we bewegen als de takken van de bomen.
Groep 7 en 8 hebben bij het kernthema Communicatie als onderwerp De Krant. Zij gaan schrijven en mochten een hele pagina in de Soester Courant vullen.
Samen leven
Samen leven en samen spelen is leuk, maar gaat niet vanzelf. Wat doe je als je vriendje je speelgoed af pakt? Durf je de buurvrouw ook iets te vragen? Kun je aan tafel blijven zitten als dat de regel in huis is? Je mag een ander kind niet schoppen of slaan als je je zin niet krijgt, maar wat moetje dan doen?
U bent al bezig met het aanleren van verschillende sociale vaardigheden, die noodzakelijk zijn om op een goede manier te kunnen samen leven en samen spelen.

Op school is het beheersen van de sociale vaardigheden van groot belang omdat ze de hele dag met andere kinderen en volwassenen samen leven en spelen.
We besteden hier veel aandacht aan.
Tijdens elk project staat in alle groepen een bepaalde sociale vaardigheid centraal. Dat betekent niet dat we aan de andere vaardigheden geen aandacht besteden, maar op die ene vaardigheid ligt het accent.
Bijvoorbeeld: de vaardigheid 'je eigen aandeel kunnen zien', staat centraal.
In alle groepen en in de gangen hangen posters. We vertalen de vaardigheid naar een concrete vraag. In dit geval is de vraag: Wat deed ik zelf? Het is makkelijk om steeds de schuld aan een ander te geven, maar je deed zelf ook wat.

We maken steeds een keuze uit zeventien vaardigheden.
Dit zijn o.a.:
- je eigen aandeel zien in een situatie
- kunnen luisteren naar een ander
- vragen kunnen stellen
- omgaan met een teleurstelling
- een compliment geven en kunnen ontvangen
- hulp vragen en hulp geven
- kunnen samenwerken
- je aan afspraken en/of regels houden
- begrijpen van gevoelens van een ander
- kunnen omgaan met boosheid
- op je beurt wachten
- nee kunnen accepteren en begrijpen
- kunnen omgaan met conflicten
Design en realisatie: TechnoCare